Overdenking · september 18, 2026

Van wie neem jij iets aan?

We zeggen makkelijk dat we openstaan voor feedback. Maar luisteren we naar iedereen op dezelfde manier? Een collega, een leidinggevende, onze partner of zelfs ons kind? Soms bepaalt niet alleen wat er wordt gezegd hoe iets binnenkomt, maar ook wie het zegt.

Ik kan best tegen feedback.

Tenminste… dat vind ik zelf 😂

Maar als ik er eerlijk naar kijk, maakt het soms wel degelijk uit wie iets tegen mij zegt.

Een directe collega kan zeggen:

“Thea, volgens mij moet je daar nog even naar kijken.”

En dan kan ik denken:

Hmm… misschien heb je wel een punt.

Maar komt precies dezelfde boodschap van iemand anders, dan kan mijn eerste reactie zomaar anders zijn.

Niet eens vanwege wat er wordt gezegd.

Maar vanwege wie het zegt.

En dát vind ik interessant.

Op het werk spelen namelijk meer dingen mee dan alleen de boodschap.

Functie.
Positie.
Hiërarchie.
Ervaring.
Vertrouwen.

Zeker binnen organisaties waar rangen en functies duidelijk aanwezig zijn, kan dat invloed hebben op hoe we naar elkaar luisteren.

Van een directe collega nemen we soms makkelijker iets aan. Die staat naast ons. Doet hetzelfde werk. Kent de praktijk.

Komt dezelfde boodschap van een leidinggevende, dan kan er ineens iets anders gebeuren.

Waarom wordt dit tegen mij gezegd?

Is dit gewoon feedback of word ik nu beoordeeld?

Terwijl de boodschap misschien precies hetzelfde is.

Maar het kan natuurlijk ook andersom.

Soms geven we de woorden van iemand met een bepaalde functie, rang of positie juist automatisch méér gewicht.

Alsof de plek die iemand inneemt bepaalt hoeveel waarde we aan de boodschap moeten geven.

Terwijl iemand die net begonnen is soms precies die ene goede vraag stelt.

Of iets ziet waar anderen inmiddels gewoon aan gewend zijn geraakt.

En dit gebeurt echt niet alleen op het werk.

Thuis kan ik precies hetzelfde doen.

Mijn partner zegt iets tegen mij en ik denk:

Ja ja, ik hoor je wel 😄

Een vriendin zegt een week later bijna hetzelfde en ineens denk ik:

Hmmm… daar zit eigenlijk wel wat in.

Heel bijzonder hoe dat werkt 😂

En dan kinderen.

Een kind kan soms iets zeggen waarvan je eerste gedachte misschien is:

Wie is hier nou de volwassene?

Maar ja…

Dat betekent natuurlijk niet dat een kind geen punt kan hebben.

Sterker nog, soms zijn kinderen juist heel duidelijk. Geen ingewikkelde verpakking. Gewoon zeggen wat ze zien of voelen.

En dan mag je er zelf iets mee 😄

Daar zit voor mij de spiegel.

Want misschien gaat openstaan voor feedback niet alleen over de vraag of ik tegen kritiek kan.

Het gaat óók over wat er in mij gebeurt op het moment dat iemand mij ergens op aanspreekt.

Luister ik eerst naar wat er wordt gezegd?

Of heb ik op basis van functie, leeftijd, ervaring, relatie of positie eigenlijk al besloten hoeveel waarde ik eraan geef?

Dat betekent natuurlijk niet dat ik alles wat iemand tegen mij zegt maar moet aannemen.

Ik mag het ergens niet mee eens zijn.

Ik mag een andere visie hebben.

En soms heb ik na goed luisteren nog steeds zoiets van:

Dank je wel… maar nee 😄

Ook dat is prima.

Maar dan wil ik mijn oordeel wel baseren op wat er wordt gezegd en niet alleen op wie het zegt.

Want iedereen kan iets zien wat ik zelf misschien niet zie.

En soms komt een waardevolle spiegel uit een hoek waar ik hem helemaal niet had verwacht.

Dat is voor mij bewustwording.

Niet alles aannemen.

Wel bereid zijn om eerst te luisteren.

Dus misschien is de vraag niet alleen:

Kan ik tegen feedback?

Maar ook:

Van wie neem ik iets aan — en waarom eigenlijk van die persoon wel of niet?

Want soms zit de uitdaging niet in wat iemand tegen ons zegt.

Maar in wie wij vinden dat het recht heeft om het te zeggen.

← Alle overdenkingen